Samenwerken of samen werken: wat is de juiste spelling?

Samenwerken of samen werken: wat is juist?

Twijfel je tussen samenwerken en samen werken? Beide schrijfwijzen kunnen juist zijn. Welke vorm je gebruikt, hangt af van de betekenis en de nadruk in de zin.

Samenwerken: gezamenlijk iets doen

Samenwerken is een werkwoord dat betekent dat mensen of organisaties gezamenlijk aan iets werken. In die betekenis schrijf je het als één woord.

  • De teams samenwerken aan een nieuw project.
  • We willen graag met lokale bedrijven samenwerken.
  • Goede samenwerking vraagt om duidelijke afspraken.

Het werkwoord wordt vervoegd als werken. In een gewone zin staat samen meestal achter het vervoegde werkwoord:

  • Ik werk samen met mijn collega.
  • Zij werken samen aan een oplossing.
  • De organisaties hebben jarenlang samengewerkt.

Samen werken: nadruk op ‘samen’

Schrijf je samen werken als twee woorden, dan ligt de nadruk op het feit dat mensen op hetzelfde moment of op dezelfde plek werken, in plaats van apart. Samen zegt dan vooral iets over de manier waarop het werken gebeurt.

  • De studenten willen samen werken, niet ieder afzonderlijk.
  • We kunnen vandaag samen werken in dezelfde ruimte.

Een handige vuistregel

Gaat het om gezamenlijk aan een doel werken of om een professionele samenwerking? Dan is samenwerken meestal de passende keuze. Wil je juist benadrukken dat mensen met elkaar werken en niet apart? Dan kan samen werken die nadruk duidelijker maken.

Vergelijk:

  • De twee bedrijven willen samenwerken aan een nieuwe dienst.
  • De medewerkers willen samen werken in één kantoor, in plaats van op verschillende locaties.

Samengevat

Samenwerken is één woord wanneer het gaat om gezamenlijk iets tot stand brengen. Samen werken bestaat uit twee woorden wanneer samen nadruk krijgt, bijvoorbeeld tegenover apart werken. Kijk dus niet alleen naar de spelling, maar ook naar wat je precies wilt zeggen.

 

Veelgestelde Vragen over de Schrijfwijze van ‘Samenwerken’ en ‘Samen Werken’

  1. Schrijf je ‘samenwerken’ aan elkaar of ‘samen werken’ los?
  2. Wat is het verschil tussen ‘samenwerken’ en ‘samen werken’?
  3. Wanneer schrijf je ‘samenwerken’ als één woord?
  4. Wanneer schrijf je ‘samen werken’ als twee woorden?
  5. Is ‘we werken samen’ of ‘we samenwerken’ correct?
  6. Hoe vervoeg je het werkwoord ‘samenwerken’?
  7. Schrijf je ‘samengewerkt’ aan elkaar?
  8. Is ‘samenwerking’ één woord?
  9. Hoe weet je welke spelling past in een zin?

Schrijf je ‘samenwerken’ aan elkaar of ‘samen werken’ los?

Je schrijft **samenwerken** aan elkaar wanneer je bedoelt dat mensen gezamenlijk aan iets bijdragen, bijvoorbeeld: “De teams willen samenwerken aan een oplossing.” **Samen werken** schrijf je los als je nadruk legt op het samen werken, bijvoorbeeld tegenover apart werken: “We kunnen vandaag samen werken in dezelfde ruimte.” In veel gevallen is **samenwerken** de gebruikelijke keuze.

Wat is het verschil tussen ‘samenwerken’ en ‘samen werken’?

‘Samenwerken’ schrijf je aan elkaar als je bedoelt dat mensen gezamenlijk aan een doel of project bijdragen, bijvoorbeeld: “De teams werken samen aan een oplossing.” ‘Samen werken’ schrijf je los wanneer je nadruk wilt leggen op het feit dat mensen met elkaar werken in plaats van apart, bijvoorbeeld: “We kunnen vandaag samen werken in dezelfde ruimte.” Het verschil zit dus vooral in de betekenis en de nadruk.

Wanneer schrijf je ‘samenwerken’ als één woord?

Je schrijft samenwerken als één woord wanneer je bedoelt dat mensen of organisaties gezamenlijk aan iets werken of een doel proberen te bereiken. Bijvoorbeeld: “De twee bedrijven willen samenwerken aan een nieuw project.” In vervoegde zinnen schrijf je het meestal los: “Wij werken samen” en “Zij hebben samengewerkt.”

Wanneer schrijf je ‘samen werken’ als twee woorden?

Je schrijft ‘samen werken’ als twee woorden wanneer ‘samen’ los bij ‘werken’ hoort en benadrukt dat mensen met elkaar werken, bijvoorbeeld: “We gaan morgen samen werken aan het project.” Als je het werkwoord ‘samenwerken’ bedoelt — gezamenlijk iets doen of bereiken — schrijf je het aan elkaar, bijvoorbeeld: “De organisaties willen samenwerken.” In sommige zinnen zijn beide vormen mogelijk, maar de nadruk en betekenis verschillen.

Is ‘we werken samen’ of ‘we samenwerken’ correct?

Beide vormen zijn correct, maar ze worden anders gebruikt. In een gewone zin zeg je: “We werken samen aan een project.” Het werkwoord is dan vervoegd als werken, met samen erachter. Samenwerken schrijf je aan elkaar als het hele werkwoord, bijvoorbeeld: “We willen samenwerken aan een project.”

Hoe vervoeg je het werkwoord ‘samenwerken’?

Het werkwoord samenwerken vervoeg je zoals werken. In de tegenwoordige tijd schrijf je bijvoorbeeld: ik werk samen, jij werkt samen en wij werken samen. In de verleden tijd wordt dat ik werkte samen en wij werkten samen. Het voltooid deelwoord is samengewerkt, zoals in: We hebben goed samengewerkt. Let op: in vervoegde zinnen staat samen meestal los van het werkwoord; in de infinitief en het voltooid deelwoord schrijf je het aaneen.

Schrijf je ‘samengewerkt’ aan elkaar?

Ja, samengewerkt schrijf je aan elkaar. Het is het voltooid deelwoord van het werkwoord samenwerken. Bijvoorbeeld: “We hebben prettig samengewerkt aan het project.”

Is ‘samenwerking’ één woord?

Ja, samenwerking schrijf je als één woord. Het is een zelfstandig naamwoord dat betekent dat mensen of organisaties gezamenlijk aan iets werken. Bijvoorbeeld: “Een goede samenwerking is belangrijk voor het succes van het project.”

Hoe weet je welke spelling past in een zin?

Kijk naar de betekenis en de nadruk in je zin. Gaat het om gezamenlijk aan een doel werken, bijvoorbeeld aan een project, dan schrijf je meestal samenwerken als één woord. Wil je benadrukken dat mensen met elkaar werken en niet apart, dan past samen werken als twee woorden. Bijvoorbeeld: “De organisaties willen samenwerken aan een oplossing” tegenover “De collega’s willen samen werken, niet ieder afzonderlijk.”